Geschiedenis van de p&z Riesen:

In het boek over de Riesenschnauzers van Dr. Harms uit Malchin (kennel van Mecklenburg) wordt 1908 het geboortejaar van de Münchener Schnauzer genoemd. Deze grotere Schnauzers kwamen toen voor het eerst op een tentoonstelling en werden in het Zuchtbuch geregistreerd.
Zij zijn de voorvaderen van onze tegenwoordige Riesen.
Toen waren er twee clubs in Duitsland, de Pinscher Club die in 1895 werd opgericht en de Beierse Schnauzer-Club die in 1907 werd opgericht.
Beide verenigingen maakten een eigen stamboek tot zij zich in 1918 verenigden. De naam werd in Schnauzer-Club veranderd en zij publiceerden
het “Schnauzer-Fokkerij-Boek deel 1” met 237 registraties voor alle veraieteiten Schnauzers. De Pinscher-Club publiceerde in ook een fokkerijboek, waarin voor het eerst onder “Münchener Schnauzers” 6 reuen en 3 teven geregistreerd staan. Als kleuren werd er bij vier honden peper & zout,
drie honden zwart, waarvan één met een witte vlek op de borst, één hond geelbruin en één hond geelgrijs aangegeven.
Tot 1918 werden de genoemde Münchener Schnauzers niet erg veel gefokt en dus begon de echte fokkerij pas in 1918. In het
Pinscher-Schnauzer fokkerijboek deel 1, dat loopt vanaf 1918 tot eind 1923 staan onder “Riesenschnauzer” in totaal 567 registraties.
De kleuren van de honden werden van strogeel neigend naar geel met een zwarte rug, bruin, zwart en peper & zout beschreven.
Het grootste aandeel was echter zwart, gevolgd door peper & zout. Deze kleuren zouden zich uiteindelijk ook doorzetten.


In de daarop volgende jaren werden de kleuren peper & zout en zwart niet apart gefokt omdat het fokken van het juiste type voorop stond en de kleur een ondergeschikte rol speelde. Dat de voorkeur aan zwart werd gegeven was omdat deze kleur dominant overerft en een goede peper & zout vacht moeilijk te fokken is. Het bestand van de zwarte was nooit bedreigd zoals dat van zijn grijze broer die zijn bestaan na de Tweede Wereldoorlog slechts te danken heeft aan enkele geëngageerde fokkers.

Terug naar het begin:
Eén van de eerste Riesen met een goede p&z kleur was de reu “Bill vom Hochland” van dhr. Schneider uit Karlsruhe (1918). Deze reu is één van de voorouders van alle p& z Riesen.
Verdere opmerkelijke Riesenschnauzers p&z voor de Tweede Wereldoorlog waren:
Asta vom Wilhelmstal, overgrootmoeder van Immo en Kyra vom Sportwäldchen, Saga vom Schwanentor, Jupp von Haus Haag en Anni von der Ringelweide. Uit de relatie Bill vom Hochland X Anni von der Ringelweide resulteerden veel p&z honden, die in de kennel „von Groß Wiesbaden“ een grote rol speelden, o.a. Quilla von Groß Wiesbaden, zij was na de Tweede Wereldoorlog erg belangrijk.

ongeveer 1930

Er bestond dus voor de Tweede Wereldoorlog een goede populatie waarmee het bestand uitgebreid had kunnen worden. Omdat uit de zwarte Riesen af en toe puppy’s met een peper & zout kleur voortkwamen, hadden die zonder problemen voor de p&z fokkerij gebruikt kunnen worden.
Helaas, het voorschrift voor en ook na de oorlog was dat er maar 6 puppy’s opgefokt mochten worden. Alles daarboven werd gedood, tenzij een zoogster ter beschikking stond. Ook overleden er meerdere pups omdat de ontwormingsmiddelen nog niet vergelijkbaar waren met de huidige en de ontwikkeling van het vaccineren ook nog in de kinderschoenen stond.
Ik kan me voorstellen dat een fokker van zwarte Riesen niet voor peper & zout puppy’s koos als hij moest kiezen welke van zijn puppy’s hij wilde laten leven en opfokken. Deze praktijk werd toegepast totdat deze beperking werd opgeheven. (Bij een kleurkruising door familie Hinrichsen werd duidelijk dat een zwarte Ries ook tegenwoordig nog een gen voor p&z draagt.)
De Tweede Wereldoorlog betekende voor de p&z bijna het einde. Weinig honden overleefden het en de mensen hadden in de jaren daaropvolgend ook wel andere zorgen dan de hondenfokkerij. Toen de fokkers zich hier weer meer aan konden wijden, was het bijna te laat.
Maar de fokkers van de zwarte Riesen herinnerden zich de grijze broer en begonnen deze kleur met de nog aanwezige p&z Riesen, met kruisingen van zwarte Riesen en p&z Middenslag Schnauzers weer terug te fokken.
De daarbij betrokken fokkers waren: Hermann Zähler van kennel “von der Schwarzen Lene”, Josef Wittlich van de kennel “von der Papenburg” en in Nederland dhr. de Graaf van de kennel “van de Ruighonk”.
Mevrouw Wettlaufer, kennel “vom Widderhof” was erg geëngageerd en aan haar is het te danken dat de p&z Ries nog bestaat. Zij fokte in totaal bijna 45 nesten en exporteerde haar honden naar veel landen zoals de VS, Zweden, Nederland, Joegoslavië, Israël en zelfs naar de DDR. Haar Boy en Bessy vom Widderhof vielen in die tijd erg op door hun exterieur en karakter en daardoor hebben zij de kleur goed kunnen promoten.
Boy en Bessy zijn bij alle p&z Riesen als voorouders vertegenwoordigd.

Boy van Widderhof, 1960

Na enkele jaren kwam mevrouw Wettlaufer dekreuen die hadden kunnen zorgen voor een verbetering van het uiterlijk, kwaliteit van het haar
en vitaliteit tekort. Dus besloot zij tot het inkruisen van Middenslag Schnauzers in haar lijnen, o.a. de bekende
Middenslag Schnauzer Fürst von Hahleweg.
Zijn nakomelingen waren meestal vrij groot. Mevrouw Wettlaufer constateerde dat Fürst via zijn moeder, een teef afkomstig uit de VS, |
zwarte Riesen als voorouders had. Dus dat was ideaal.

Riesenschnauzer Koci von Widderhof 1968


De volgende kennels waren in Duitsland van 1965 tot 1999 actief (dus meerdere nesten per jaar):
“Vom Widderhof”, “Von der Blutbuche”, “Vom Sendelbachtal”, “Von der Libellenwiese”, “Vom Neckarhafen”,             
“Vom Graf Arko Platz”, “Vom Michaeliszwinger”, “Von Thesings Allee”            

En van 2000 tot 2008 waren er volgende kennels in Duitsland actief:
”vom Moisburger Berg”, “vom Südhäger Rixel”, “vom Welpenhof”, “vom grauen Riesen”, “vom Blauen Born”,
"vom schwarzen Raben”, “vom Uelhof”, “von der Fauststadt”, “vom Elberfeld”, “vom Griesenbötel”,
“von der Lederhecke”, “vom Steinbruch”, “von den Hohenäckern”, “vom Altenkessel” “vom grauen Pfiffikus”,
“vom Hessenland”, “von den Panketeufeln”, “Aus der Uckermark”, “von Amber”,
“vom Luther See", “von Altherrenwyk”, “von Schloss Letitia”,
Niet alle kennels zijn vermeld, alleen de kennels die meerdere nesten per jaar hebben gefokt.

 

WORDT VERVOLGD!!!

WE ZIJN AAN HET ZOEKEN NAAR MEER GEGEVENS OVER DE BELGISCHE EN NEDERLANDSE GESCHIEDENIS.